Ik heb net de gerechten thuis ontvangen die ik op mijn nieuwe school tijdens de praktijkles ga maken.
De schrik slaat me om het hart.
In mijn laatste normale les op de oude school maakten we: een runderbouillon, gebakken aardappel en een entrecôte met roquefortsaus.
Mijn volgende les op de nieuwe school:
Heldere tomatensoep met paprika en kervel, gegrilde lamskoteletten met peterselieboter, gevulde courgette, aardappelen in de schil uit de oven en soesjes gevuld met drie soorten ijs.
Ik denk dat de bouillon voor de soep "convenience" is, en verder is er vanilleijs waar je ook mangoijs van maakt. Het derde ijs en de rest maak je zelf. Dus peterselieboter maken, opspuiten, in de vriezer, courgettes leeghalen, vulling maken van allerlei geblancheerde brunoises, courgette ook in de oven, lamsrack in de oven, ijs maken, soezenbeslag maken, soezen in de oven.
Turbo.
Pff.
En timing. Hoe time je dit. Op de oude school zag ik nooit zo het nut van het werkschema, van je mise-en-place lijst. Met dit wil je dat wel gebruiken.
Volgende week vrijdag ga ik praten over een werkplek in een klassiek Frans restaurant.
Nou, gauw leren voor dat examen, slagen en op naar de turbofase.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten